Translation of "attach" into Dutch
vastmaken, bijvoegen, aanhechten are the top translations of "attach" into Dutch.
(obsolete, law) To arrest, seize. [..]
-
vastmaken
verbto fasten, to join to
But she doesn't know how to attach them.
Maar ze weet niet hoe zij ze moet vastmaken.
-
bijvoegen
verbals extra ergens aan toevoegen
I have attached a Microsoft Excel file.
Ik heb een Microsoft Excelbestand bijgevoegd.
-
aanhechten
The text of the initialled protocol is attached.
De tekst van het geparafeerde protocol is aangehecht.
-
Less frequent translations
- bevestigen
- hechten
- verbinden
- aansluiten
- binden
- vasthaken
- enteren
- aanhaken
- aanbrengen
- vastleggen
- vastbinden
- bepalen
- haken
- fixeren
- aanzetten
- tuigeren
- onderbinden
- meren
- aanbinden
- vaststellen
- voordoen
- bijgaand
- toekennen
- hangen
- bijgesloten
- plaatsen
- leggen
- toeschrijven
- vastklampen
- toewijzen
- aanknopen
- aantrekken
- aanklampen
- opleggen
- toedichten
- beginnen
- omschrijven
- opbrengen
- steken
- aanslaan
- toespreken
- definiëren
- aanbranden
- aanplakken
- aankaarten
- aanlanden
- aanspreken
- aansnijden
- doorvoeren
- toetreden
- aanvangen
- aanwenden
- aandoen
- aanpakken
- benutten
- stellen
- stoppen
- zetten
- toepassen
- landen
- gebruiken
- doen
- aan komen lopen
- aan land gaan
- aan wal komen
- beginnen met
- in beslag nemen
- in toepassing brengen
- stoten op
- voor het gerecht dagen
- zich stoten aan
- vasthechten
- toevoegen
- beschikbaar maken
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "attach" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
"Attach" in English - Dutch dictionary
Currently, we have no translations for Attach in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.
Phrases similar to "attach" with translations into Dutch
-
niet-ingeschrevene
-
free hymenium attachment
-
waarde hechten aan
-
adnate hymenium attachment
-
adnexed hymenium attachment
-
Bijlage
-
hechting
-
gehecht geraken (aan) · zich hechten (aan)