Translation of "exercise" into Dutch

oefening, oefenen, training are the top translations of "exercise" into Dutch.

exercise verb noun grammar

Any activity designed to develop or hone a skill or ability. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • oefening

    noun feminine

    any activity designed to develop or hone a skill or ability [..]

    Could it be any kind of vigorous exercise?

    Kan het elke vorm van krachtige oefening zijn?

  • oefenen

    verb

    To perform an activity designed to develop or hone a skill or ability. [..]

    I don't feel like exercising.

    Ik heb geen zin om te oefenen.

  • training

    Well, excuse me for exercising a little discretion.

    Sorry dat ik met wijsheid mijn training doet.

  • Less frequent translations

    • drillen
    • uitoefening
    • betrachten
    • verrichten
    • trainen
    • vervullen
    • uitvoeren
    • naleven
    • nakomen
    • voltrekken
    • uitoefenen
    • exercitie
    • beweging
    • taak
    • beoefenen
    • opgave
    • waarborgen
    • doorvoeren
    • invullen
    • verzekeren
    • opgaaf
    • spekken
    • betuigen
    • garanderen
    • behoeden
    • vrijwaren
    • vullen
    • verwezenlijken
    • completeren
    • bewerkstelligen
    • beveiligen
    • toezeggen
    • assureren
    • supplementeren
    • uitloven
    • verzeggen
    • voleinden
    • volschenken
    • volmaken
    • sponsoren
    • verwerkelijken
    • dempen
    • bijwerken
    • beloven
    • beschermen
    • stoppen
    • realiseren
    • aanvullen
    • borg staan voor
    • in veiligheid brengen
    • tot stand brengen
    • veilig stellen
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "exercise" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Images with "exercise"

Phrases similar to "exercise" with translations into Dutch

Add

Translations of "exercise" into Dutch in sentences, translation memory